Onafhankelijke kennisbank over brandblussers en blusmiddelen Wanneer moet mijn blusser gekeurd worden?

Blusvermogen van een brandblusser: wat 21A en 144B betekenen

Op het etiket van een brandblusser staat een rij letters en getallen, bijvoorbeeld 21A 144B C. Voor wie er niet mee bekend is, lijken het typenummers. Het is de belangrijkste informatie op het hele toestel: het blusvermogen, de maat voor hoe groot een brand het toestel onder gecontroleerde omstandigheden kan doven. Dit artikel legt uit wat de codes betekenen, hoe ze getest worden en hoe men ze gebruikt bij het kiezen.

Wat blusvermogen is

Blusvermogen zegt hoe groot de testbrand was die het toestel aantoonbaar heeft gedoofd. Het hangt af van de hoeveelheid blusmiddel, maar ook van het soort blusmiddel en de kwaliteit van het toestel: de druk, de spuitmond en hoe lang het toestel spuit. Een goed ontworpen schuimblusser van 6 liter kan daardoor een hoger blusvermogen hebben dan een eenvoudiger toestel van dezelfde maat.

De testen zijn vastgelegd in de Europese normreeks NEN-EN 3, specifiek in het deel NEN-EN 3-7 voor draagbare blustoestellen. Voor verrijdbare toestellen geldt NEN-EN 1866. Elk toestel dat in Nederland wordt verkocht, moet met die testen zijn beoordeeld om een Rijkstypekeur te krijgen.

De opbouw van de code

Een code bestaat uit een getal en een letter. De letter is de brandklasse, het getal de grootte van de testbrand in die klasse.

Code Betekenis
13A, 21A, 27A, 34A, 43A, 55A Getest op een brand van vaste stoffen, hoe hoger hoe groter
55B, 89B, 113B, 144B, 183B, 233B Getest op een vloeistofbrand, hoe hoger hoe groter
C Geschikt voor gasbranden, zonder schaal
25F, 40F, 75F Getest op een brand van spijsolie of frituurvet

Het getal is geen willekeurige score. De testbranden liggen in een vaste reeks, en het getal verwijst naar een bepaald formaat testbrand uit die reeks.

Hoe klasse A getest wordt

Voor klasse A wordt een stapel houten latten gebouwd, een zogenaamde crib: latten in kruislagen boven elkaar, op een vaste hoogte. Hoe hoger het getal, hoe langer de stapel. Het getal komt overeen met de lengte van de stapel in decimeters. Een 13A-brand is dus een stapel van ongeveer 1,3 meter lang, een 21A-brand van ongeveer 2,1 meter.

Het hout wordt aangestoken en een vaste tijd laten branden. Daarna gaat de tester met het toestel aan het werk. Het toestel slaagt als het vuur dooft en ook na een wachttijd niet opnieuw oplaait. Juist dat laatste is bij vaste stoffen belangrijk, omdat hout van binnen blijft gloeien.

Hoe klasse B getest wordt

Voor klasse B wordt een ronde stalen bak gevuld met een laag water en daarop een laag brandbare vloeistof. Het getal hangt samen met de hoeveelheid vloeistof in de bak, in liters: hoe hoger het getal, hoe groter de bak en het brandende oppervlak. Een 144B-brand is daarmee een flink stuk groter dan een 55B-brand.

De vloeistof wordt aangestoken en vrij laten branden, waarna het toestel moet blussen. Ook hier geldt dat het vuur gedoofd moet zijn.

Klasse C en F

Voor klasse C, gassen, is er geen schaal. Het etiket geeft alleen aan dat het toestel geschikt is. In de praktijk gaat het dan om poederblussers. Bij een gasbrand is afsluiten van de toevoer belangrijker dan het blusvermogen.

Voor klasse F, frituurvet en spijsolie, bestaat een aparte test met een frituurpan met hete olie. Het getal hangt samen met de hoeveelheid olie. Zulke codes ziet men vooral op een vetblusser en op sommige schuimblussers die ook voor klasse F zijn getest.

Wat de codes zeggen bij elektrische apparatuur

Een blusser voor gebruik bij elektrische apparatuur heeft geen eigen klasse, maar een spanningsvermelding. Daarin staat tot welke spanning het toestel getest is en op welke minimale afstand de gebruiker moet blijven. Bij een CO2-blusser is dat de gebruikelijke toepassing. Bij een schuimblusser die voor gebruik bij spanning is getest, staat dit apart vermeld.

Waarom blusvermogen meer zegt dan gewicht

Bij het vergelijken van blussers kijken veel kopers naar het formaat: 2 kilo, 6 kilo, 6 liter. Dat zegt iets over hoeveel blusmiddel er in zit, maar niet hoe goed het werkt. Twee voorbeelden:

  1. Een schuimblusser van 6 liter kan een blusvermogen van 21A 113B hebben, maar er bestaan ook 6-literblussers met duidelijk hogere waarden. Die doven in de test een grotere brand.
  2. Een poederblusser van 6 kilo heeft meestal een hoger B-vermogen dan een schuimblusser van 6 liter, maar geeft veel meer nevenschade. Het hoogste getal is dus niet automatisch de beste keuze voor elke plek.

Bij het kiezen is de volgorde daarom: eerst bepalen welke brandklassen nodig zijn, dan het type blusmiddel kiezen dat bij de plek past, en pas daarna vergelijken op blusvermogen. Een overzicht per situatie staat bij welke brandblusser kopen.

Blusvermogen in bedrijven

Voor bedrijven speelt blusvermogen een rol bij de projectering. De norm NEN 4001 rekent niet in kilo's maar in blusvermogen. Per zone wordt op basis van oppervlakte en risico bepaald hoeveel blusvermogen nodig is, en het aantal toestellen volgt daaruit. Een toestel met een hoger blusvermogen kan in die berekening zwaarder meetellen dan een toestel met een lager vermogen. Wie toestellen vervangt, let er dus op dat de nieuwe minstens hetzelfde blusvermogen hebben, anders klopt de projectering niet meer.

Waar men de code op het etiket vindt

De code staat meestal in het middelste deel van het etiket, bij de pictogrammen van de brandklassen. Vaak staat het blusvermogen naast het pictogram van elke klasse: 21A naast het houtvuurtje, 144B naast de druppel met vlam. Daaronder of ernaast staan het type blusmiddel, de inhoud, het temperatuurbereik, de spanningsvermelding en het Rijkstypekeurnummer.

Veelgestelde vragen

Wat betekent 21A op een brandblusser?

21A betekent dat het toestel in de test een genormeerde brand van vaste stoffen, een stapel houten latten, van klasse-A-formaat 21 heeft gedoofd. Hoe hoger het getal, hoe groter de testbrand. Een 21A-blusser blust dus een grotere houtbrand dan een 13A-blusser.

Wat betekent 144B?

144B betekent dat het toestel een genormeerde vloeistofbrand in een ronde bak van formaat 144 heeft gedoofd. Het getal hangt samen met de hoeveelheid vloeistof in de testbak, in liters. Een 144B-blusser kan een grotere vloeistofbrand aan dan een 89B- of 113B-blusser.

Waarom staat er bij C geen getal?

Voor klasse C, gassen, bestaat geen schaal met verschillende testbranden. Het etiket geeft alleen aan dat het toestel geschikt is voor gasbranden, wat in de praktijk geldt voor poederblussers.

Is een blusser van 6 kilo altijd beter dan een van 2 kilo?

Meestal heeft een groter toestel een hoger blusvermogen, maar dat is niet vanzelfsprekend. De kwaliteit en het soort blusmiddel spelen mee. Twee blussers van hetzelfde gewicht kunnen een heel verschillend blusvermogen hebben.