Een brandblusser in huis is in Nederland niet verplicht. Rookmelders wel: sinds 1 juli 2022 moet elke woning op elke verdieping minstens één werkende rookmelder hebben. Toch adviseert de brandweer ook een blusser, omdat een kleine brand in de eerste minuut nog te doven is en daarna vaak niet meer. Dit artikel beschrijft wat de regels zijn, welk blusmiddel de brandweer aanraadt en waar het in huis hoort.
Wat de wet wel en niet eist
Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) geldt sinds 1 januari 2024 en vervangt het Bouwbesluit. Voor woningen zijn twee punten van belang:
- Rookmelders: verplicht in alle woningen, nieuw en bestaand, op elke bouwlaag. Bij voorkeur in de gang en op de overloop, omdat dat de vluchtroute is.
- Blustoestellen: alleen verplicht bij kamergewijze verhuur. Dan hoort er een blustoestel in de gezamenlijke keuken en per bouwlaag in de gang of op de overloop.
Voor een eengezinswoning, appartement of huurhuis zonder kamerverhuur geldt dus geen blusserplicht. De woonverzekering vraagt er meestal ook niet om, al kan het per polis verschillen.
Waarom een blusser toch zinvol is
Een woningbrand ontwikkelt zich snel. Meubels en matrassen van kunststof branden fel en geven dikke, giftige rook. De brandweer is binnen enkele minuten ter plaatse, maar in die minuten kan een kamer al vol rook staan. Een blusser geeft de kans om een beginnend brandje, zoals een smeulende prullenbak of een vlam bij een stekkerdoos, direct te doven.
Daarbij geldt wel een harde grens. De Brandwonden Stichting houdt aan: blus alleen een brand die kleiner is dan een voetbal. Is het vuur groter, of is de rook al dik, dan gaat iedereen naar buiten en belt men 112. Wie gaat blussen, doet dat alleen als er een veilige vluchtweg achter de rug ligt.
Welke blusser de brandweer aanraadt
De brandweer geeft per blusmiddel een duidelijk beeld van de voor- en nadelen:
| Blusmiddel | Geschikt voor | Aandachtspunt in huis |
|---|---|---|
| Schuim (sproeischuim) | Vaste stoffen en vloeistoffen | Weinig nevenschade, makkelijk te bedienen |
| Poeder | De meeste branden, ook in auto, caravan en boot | Veel nevenschade, tast metaal en elektronica aan |
| CO2 | Elektrische apparatuur | Laat geen resten na, maar kan in kleine ruimtes zuurstof verdringen; de hoorn wordt extreem koud |
| Water | Vaste stoffen | Nooit op olie, vet of elektrische apparatuur |
| Blusdeken | Klein vuur, brandende kleding | Niet geschikt voor vlam in de pan |
Voor thuis komt een schuimblusser het beste uit de bus. De brandweer adviseert een formaat van 6 liter of 6 kilo: een blusser van 1 kilo is zo leeg dat hij bij een echte brand weinig uithaalt. Een poederblusser blust goed, maar het poeder verspreidt zich door het hele huis, klontert, tast ongelakt metaal aan en kan elektronica beschadigen. Opruimen gaat met een industriële stofzuiger, niet met water.
Op het etiket staat welke brandklassen de blusser aankan. Voor thuis is A (vaste stoffen) en B (vloeistoffen) de basis. In Nederland verkochte draagbare blussers tot 20 kilo horen een Rijkstypekeur te hebben, herkenbaar aan een ovaal keurmerk op het etiket.
De keuken en vlam in de pan
De keuken is de plek waar thuis de meeste branden beginnen. Bij vlam in de pan adviseert de brandweer:
- Schuif een deksel, bakplaat of stevig dienblad over de pan.
- Zet het vuur en de afzuigkap uit.
- Laat het deksel erop tot de olie helemaal is afgekoeld, anders kan het opnieuw ontbranden.
- Verplaats de pan niet.
Gebruik nooit water: dat verdampt explosief en slingert brandende olie de keuken in. Ook een blusdeken raadt de brandweer bij vlam in de pan af, omdat sommige dekens niet tegen hete olie bestand zijn en zelf vlam vatten. Een schuimblusser bevat water en is daarom ook geen goede keuze voor een frituurbrand. Speciale blussers voor brandklasse F bestaan, maar die ziet men vooral in professionele keukens. Meer hierover staat in het artikel over de brandblusser in de keuken.
Een blusdeken heeft thuis wel nut, bijvoorbeeld bij brandende kleding of een klein vuur op tafel. De brandweer noemt een deken volgens NEN-EN 1869 van 1,80 bij 1,80 meter, groot genoeg om een persoon in te wikkelen.
Waar de blusser hoort
- Bij de uitgang van de keuken of in de gang, niet naast het fornuis. Wie bij brand eerst langs het vuur moet om de blusser te pakken, komt er niet bij.
- Zichtbaar aan de muur, op een vaste plek die alle bewoners kennen. Niet in een kast onder spullen.
- Bij meerdere verdiepingen: een blusser beneden en een op de overloop, bij de slaapkamers.
- In de garage, schuur of werkplaats een eigen blusser als daar brandstof, verf of gereedschap staat.
Onderhoud voor particulieren
Keuren is thuis niet verplicht. De brandweer adviseert een blusser na gebruik te laten vullen of te vervangen, hem regelmatig te laten nakijken en hem na 20 jaar helemaal te vervangen. Zelf kan men af en toe kijken of de wijzer van de drukmeter in het groen staat, of de verzegeling intact is en of er geen roest of beschadiging zichtbaar is. Hoe dat gaat, staat bij brandblusser zelf controleren.
Veelgestelde vragen
Is een brandblusser in huis verplicht?
Nee, voor een gewone woning is een brandblusser niet verplicht. Een uitzondering is kamergewijze verhuur: daar schrijft het Bbl een blustoestel voor in de gezamenlijke keuken en per bouwlaag in de gang of op de overloop. Rookmelders zijn wel in alle woningen verplicht.
Welke brandblusser is het beste voor thuis?
De brandweer noemt een schuimblusser van 6 liter geschikt voor thuis. Schuim werkt op vaste stoffen en vloeistoffen, geeft weinig nevenschade en spuit langer dan een poederblusser van gelijk formaat.
Is een blusser van 1 kilo genoeg voor in huis?
Volgens de brandweer is een blusser van 1 kilo of 1 liter heel snel leeg. Voor in huis adviseert de brandweer 6 liter of 6 kilo. Kleine blussers zijn vooral bedoeld voor de auto of als aanvulling.
Moet een brandblusser in huis gekeurd worden?
Voor particulieren is keuren niet verplicht. De brandweer raadt wel aan een blusser regelmatig te laten nakijken en hem na gebruik te laten vullen of te vervangen.