Water is het oudste blusmiddel en voor een groot deel van de branden nog altijd het beste. Het neemt veel warmte op en koelt brandend materiaal zo ver af dat de verbranding stopt. Een draagbare waterblusser doet precies dat, maar heeft twee bekende zwakke plekken: elektriciteit en brandend vet. De waternevelblusser is ontwikkeld om die beperkingen grotendeels weg te nemen. Beide toestellen worden hieronder besproken, omdat ze in de praktijk vaak door elkaar worden gehaald.
De gewone waterblusser
Een waterblusser bevat water, meestal met een kleine hoeveelheid toevoegmiddel die de oppervlaktespanning verlaagt. Daardoor dringt het water beter in hout, textiel en papier door. Sommige uitvoeringen hebben een additief dat ze ook enigszins geschikt maakt voor brandklasse B; dat staat dan op het etiket.
Het grote voordeel is het koelend vermogen. Waar CO2 of poeder vooral de vlammen dooft, haalt water de warmte uit het materiaal. Een bank, matras of stapel karton die van binnen gloeit, komt met water daadwerkelijk tot rust, terwijl hij bij andere middelen kan blijven nasmeulen.
De nadelen:
- Elektriciteit. Water geleidt stroom. Een straal op een apparaat onder spanning kan een schok geven. Alleen een toestel dat diëlektrisch is getest en dat op het etiket vermeldt, mag daar dichtbij worden gebruikt.
- Brandend vet. Water op heet vet verdampt in een fractie van een seconde en slingert het vet als brandende druppels omhoog. Dit is de bekende steekvlam bij een vlam in de pan.
- Brandende vloeistoffen. Benzine of olie drijft op water. Een waterstraal verspreidt de brand.
- Vorst. Zonder antivries bevriest het toestel rond 0 graden.
De waternevelblusser
Een waternevelblusser bevat gedemineraliseerd water, dus water zonder opgeloste zouten. Een speciaal mondstuk maakt er een fijne nevel van, met druppels van een fractie van een millimeter. Dat heeft drie gevolgen:
- Sterkere koeling. Kleine druppels verdampen sneller en nemen daardoor meer warmte op dan dezelfde hoeveelheid water in een straal.
- Zuurstofverdringing. De ontstane waterdamp verdringt rond de brand de zuurstof.
- Geringe geleiding. Gedemineraliseerd water geleidt slecht, en een nevel vormt geen doorlopende straal. Veel waternevelblussers zijn daardoor getest voor gebruik bij spanning tot 1000 volt op minimaal 1 meter afstand.
Een deel van de waternevelblussers is ook goedgekeurd voor brandklasse F. Het etiket is daarbij altijd leidend: niet elk toestel heeft die goedkeuring.
Waternevelblussers zijn vaak duurder in aanschaf dan schuimblussers, maar laten weinig schade na en bevatten geen schuimmiddel. Daardoor worden ze steeds vaker gekozen voor woningen met kinderen, zorginstellingen, kantoren met veel apparatuur en keukens.
Overzicht
| Onderdeel | Waterblusser | Waternevelblusser |
|---|---|---|
| Geschikt voor | Brandklasse A | Brandklasse A, vaak ook F; bij sommige toestellen B |
| Niet geschikt voor | B (meestal), C, D, F en elektrische apparatuur onder spanning | C en D; F en elektriciteit alleen als dat op het etiket staat |
| Elektriciteit | Nee, tenzij diëlektrisch getest | Vaak getest tot 1000 volt op 1 meter |
| Gangbare inhoud | 6 en 9 liter | 1, 2, 3 en 6 liter |
| Aandachtspunt onderhoud | Jaarlijks onderhoud; vorstvrij opstellen; vulling periodiek vervangen | Jaarlijks onderhoud; vorstvrij opstellen; alleen hervullen met gedemineraliseerd water |
Wat de brandklassen inhouden, staat op de pagina over brandklassen.
Welke kiezen
Voor een woning of kantoor waar vooral brand in meubels, papier en textiel te verwachten is, voldoet een waterblusser technisch, maar het risico van verkeerd gebruik op een apparaat of een pan is reëel. Daarom kiezen de meeste huishoudens een schuim- of waternevelblusser. De afweging tussen de typen wordt verder uitgewerkt bij welke brandblusser kopen.
Bij de maat geldt hetzelfde als bij andere blussers: het gewicht moet passen bij de gebruiker. Een waternevelblusser van 2 of 3 liter is licht genoeg om door vrijwel iedereen gericht te worden gebruikt en past in een keuken, slaapkamer of thuiswerkplek. Een toestel van 6 liter is de gangbare maat voor een woonkamer, gang of kantoorruimte. Omdat een nevel zuiniger met water omgaat dan een straal, heeft een kleine waternevelblusser vaak een hoger blusvermogen dan zijn inhoud doet vermoeden. Het etiket geeft daarover uitsluitsel, met een code als 13A 75F.
Een waterblusser van 9 liter zonder diëlektrische test past wel goed in een opslag met hout of karton, een schuur met tuinmeubels of een stal, mits het daar niet vriest.
Bediening
Het gebruik is hetzelfde als bij andere draagbare blussers. In vier stappen:
- Trekken: de veiligheidspen uit de hendel halen.
- Richten: het mondstuk op de basis van de brand richten, niet op de rook of vlammen.
- Knijpen: de hendel inknijpen en vasthouden.
- Zwaaien: met een rustige beweging over de hele brandhaard gaan.
Bij een waterblusser mag tot op een paar meter worden genaderd. Een waternevelblusser werkt het best van dichterbij, vaak een tot twee meter, omdat de nevel geen grote worplengte heeft. Bij brandend vet met een daarvoor goedgekeurde waternevelblusser begint men op enige afstand en komt men langzaam dichterbij, zodat de nevel het vet afdekt in plaats van erin te spuiten.
Na het blussen blijft de brandhaard in de gaten gehouden worden. Bij een gloeiende matras of bank kan na enige tijd opnieuw vuur ontstaan. Is de brand niet snel onder controle: ruimte verlaten, deur dicht, 112 bellen.
Onderhoud
Water- en waternevelblussers vallen net als andere draagbare blussers onder NEN 2559. Jaarlijks onderhoud door een gecertificeerd bedrijf is de gangbare norm; de wettelijke ondergrens in het Bbl is eens per twee jaar. Bij het onderhoud worden onder meer de druk, de verzegeling en het mondstuk gecontroleerd. De watervulling wordt periodiek vervangen. Bij een waternevelblusser is het extra belangrijk dat het toestel alleen met gedemineraliseerd water wordt hervuld: gewoon kraanwater bevat zouten die het toestel geleidend maken en de diëlektrische goedkeuring tenietdoen. Meer hierover staat bij een brandblusser hervullen.
Veelgestelde vragen
Mag een waterblusser op een brandend elektrisch apparaat?
Een gewone waterblusser met een volle straal niet, tenzij het etiket uitdrukkelijk vermeldt dat hij diëlektrisch is getest. Water geleidt stroom, en de straal kan een elektrische schok geven. Een waternevelblusser met gedemineraliseerd water is vaak wel getest tot 1000 volt op 1 meter afstand.
Wat is het verschil tussen een waterblusser en een waternevelblusser?
Een waterblusser spuit een straal of grove sproei. Een waternevelblusser vernevelt het water tot zeer kleine druppels die snel verdampen, sterk koelen en de zuurstof rond de brand verdringen. Daardoor is minder water nodig en is het toestel vaak ook geschikt voor vet en elektrische apparatuur.
Kan een waterblusser bevriezen?
Ja. Een gewone waterblusser bevriest rond 0 graden en hoort niet in een onverwarmde ruimte. Er zijn uitvoeringen met antivries, herkenbaar aan een lager temperatuurbereik op het etiket.
Laat een waternevelblusser schade na?
Veel minder dan een poederblusser en ook minder dan een waterblusser, omdat er weinig water wordt gebruikt en het grootste deel verdampt. Wat overblijft is gedemineraliseerd water, dat droogt zonder kalkresten.